Voor 1720 lag er op de plaats van het huidige Westerstrand een dorp: Westerburen. Op een kaart uit de 17e eeuw zijn te zien een kerk, een molen en veertien huizen.
In 1570 moesten de woningen in het westen van het dorp afgebroken worden. Dit omdat de zee langzaam duinen wegsloeg en de wind zand van de duinen tegen de huizen waaide. In de loop van de tijd begon men de huizen dan ook maar meer naar het oosten te bouwen. En wel in de buurtschappen Oosterburen en in de Molenbuurt, beide iets ten oosten van het oude dorp.
Vanaf 1650 kwamen de zee en de geul de Scholbalg steeds dichterbij. Het zeewater spoelde regelmatig de huizen binnen. Huis na huis werd vanaf 1717 weggeslagen door zware stormen, zoals de kerstvloed van 1717 en de Nieuwjaarsvloed van 1720. Toen begon men met de bouw van huizen en een kerk in de buurtschap Dompen. Dit was op een plek iets ten zuiden van de huidige Westerplas, die wel veilig leek.