Het zeeklei-landschap in Noordwest-Groningen is gegroeid vanuit het wad. Ooit bewoonde men hier de kwelderruggen en wierden: opgeworpen heuvels op de kwelders. Eeuwenlange landaanwinning zorgde voor steeds meer veiligheid. Deze geschiedenis weerspiegelt zich in het huidige landschap. Sommige dorpjes liggen nog op een wierde; waterlopen verraden hun oorsprong als kwelderslenk en evenwijdig aan de huidige delta-dijk liggen oude zeedijken. Buitendijks ligt de -hier bijzonder slikkige- kwelder, van de eerste wadplaten gescheiden door een diepe geul. Wadlopers die starten in Pieterburen krijgen dan ook een 'slikdoop' op de kwelder, maar zijn de prut meteen weer kwijt omdat men de geul moet doorwaden.
Voor de meeste bezoekers van Pieterburen is het wad dan ook niet bereikbaar. Het Waddencentrum brengt het wad daarom, in de vorm van een tentoonstelling, naar het dorp. Het hele internationale waddengebied komt vooral tot uiting in een breedbeeld-panorama-diashow, die is samengesteld door Klaas Kreuyer, fotograaf en toezichthouder op het Groninger Wad. Daarnaast is een ruimte voor een wisselexpositie (in 1996 over de getijden) en kan de bezoeker op een informatiecomputer een belangrijk gedeelte van de Vleet raadplegen.