- Ned: Graspieper
- Eng: Meadow Pipit
- Fra: Pipit farlouse
- Dui: Wiesenpieper
- Dan: Engpiber
- Nor: Heipiplerke
- Fries: Piipljurk
- Ital: Pispola
- Lat: Anthus pratensis

- graspieper, foto fitis, adriaan dijksen
Graspieper
Graspiepers komen niet alleen in het gras voor, maar in allerlei gebieden met lage begroeiing, zoals landbouwgrond, duinen, heide, moeras en kwelder. Hun nest maken ze op de grond, goed verborgen tussen de begroeiing. Ze eten kleine insecten, slakjes en wormpjes. In de herfst en winter eten ze ook zaden. In Nederland zijn het hele jaar door graspiepers te zien. Hoewel de Nederlandse broedvogels in de herfst naar het zuiden trekken, komen de Noord-Europese graspiepers juist naar Nederland om hier de winter door te brengen. Alleen bij hele strenge vorst trekken die ook verder naar het zuiden.
WWW
Zie ook
Info
Copyright Ecomare
print
