Content on this page requires a newer version of Adobe Flash Player.

Get Adobe Flash player

 

Zoek in de Encyclopedie

Goudplevier

afmetingen:

lengte: 26-29 centimeter
spanwijdte: 67-76 centimeter

gewicht:

220 gram

kleur:

zomer: gouden rug met zwarte buik, gescheiden door witte streep
winter: lichte buik met bruine vlekjes

leeftijd:

record: 12 jaar

voedsel:

Insecten, schelpdieren en pieren, maar ook gras en zaden

voortplanting:

geslachtsrijp: 1 jaar
aantal: 4 eieren

  • Ned: Goudplevier
  • Eng: European golden plover
  • Dui: Goldregenpfeifer
  • Fries: Wilster
  • Lat: Pluvialis apricaria
  • Fr: Pluvier doré
Goudplevier, Foto Fitis, www.fotofitis.nl

Goudplevier

Goudplevieren hebben een prachtig verenkleed: een gouden rug met zwarte buik. In de winter ziet het er, zonder die zwarte buik, allemaal een stuk saaier uit. Goudplevieren broeden in open terreinen in het hoge noorden. Daar voeren de mannetjes een gezamenlijke dans uit om een vrouwtje te versieren. Ze rennen met opgeheven vleugels op elkaar af en springen over elkaar heen. Het vrouwtje kiest de mooiste springer. In Nederland zie je goudplevieren vooral tijdens de vogeltrek.

Op Texel


Goudplevieren broeden niet op Texel, maar ze zijn wel veel te zien op het eiland. De Texelaars noemen de vogel 'wilster', net als de Friezen. Er is zelfs een straat naar ze genoemd: de Wilsterstraat in Den Burg. Soms zijn er duizenden wilsters op het eiland. In de zeventiende en achttiende eeuw werd er met slagnetten (wilsterflappen) op goudplevieren gejaagd.

  • Verspreiding en leefgebied

    In de broedtijd vind je goudplevieren overal waar toendra's en uitgestrekte hoogvenen zijn: noordelijke streken als Noord-Ierland, Schotland en Wales, Scandinavië, IJsland en de Baltische Staten. Ze overwinteren zuidelijker in zuid-Europa en westelijk Afrika.

    Buiten de broedtijd zijn er veel goudplevieren in Nederland te vinden. Nederland ligt op de trekbaan van de broedgebieden in het hoge noorden naar het warme zuiden. Al in juli komen de eerste goudplevieren binnendruppelen, maar eind oktober en november zijn hier de meeste. Als het weer het toelaat blijft een grote groep in Nederland hangen. Maar als het gaat sneeuwen en vriezen trekken ook deze vogels verder zuidwaarts.

  • Van weiland naar wad

    Goudplevieren zoeken hun voedsel het liefst op oud grasland. Daar vinden ze volop regenwormen en insecten. Helaas is dit type landschap uit Nederland aan het verdwijnen. Bijna alle graslanden worden tegenwoordig intensief gebruikt en bewerkt. Hierdoor groeit er veel meer gras op. Fijn voor grasetende vogels zoals ganzen, maar er leven veel minder regenwormen in intensief bewerkte graslanden. De aantallen goudplevieren in agrarisch gebied nemen dus af. In het waddengebied worden juist steeds meer goudplevieren geteld. Vooral in de nazomer zoeken goudplevieren massaal naar eten op het wad. Op de wadplaten bij Texel kun je tegenwoordig duizenden goudplevieren zien. Waarschijnlijk eten ze er kleine schelpdieren, wadslakjes en zeepieren.