Content on this page requires a newer version of Adobe Flash Player.

Get Adobe Flash player

 

Zoek in de Encyclopedie

Water en land

Natuur   Vogels   Wad   Strand   Duinen   Bos   Cultuurland   Bebouwde omgeving   Texelse vogelnamen   

Vogels op Texel

Texel is bekend als vogeleiland. Er komen veel, en ook hele bijzondere vogels voor. Door de variatie in landschappen is er voor elk wat wils. Er loopt een belangrijke trekroute over het eiland en er is voor de vogels rust en voedsel te vinden. In totaal zijn er ongeveer 370 vogelsoorten op Texel gezien. Daarvan is 30% dwaalgast: vogels die normaal niet op het eiland voorkomen. Door extreme omstandigheden zoals storm of kou kwamen ze per ongeluk op Texel terecht.

  • Vogelbolwerk Texel
    Ontwikkeling lepelaarpopulatie op Texel, Grafiek Ecomare, naar Otto Overdijk

    Voor een aantal soorten is Texel een 'bolwerk' in de Nederlandse vogelwereld. Texel is de enige Nederlandse gemeente met drie broedkolonies lepelaars: in de Geul, de Muy en de Schorren. Veel leplaars zijn op Texel gaan broeden nadat ze in het Zwanenwater door vossen werden verjaagd. In 2011 werd de kolonie in de Geul de allergrootste van Nederland.
    Ook de blauwe kiekendief, een zeldzame roofvogel met voorkeur voor het duingebied, komt op Texel nog in enige aantallen voor, terwijl hij in de rest van Nederland al vrijwel is verdwenen. Andere duinvogels die op Texel relatief veel voorkomen zijn de bergeend, roodborsttapuit, de nachtegaal en de zeer zeldzame velduil. Ook veel bontbekplevieren en (grote, noordse en dwerg-) sterns verkiezen Texel boven andere plekjes langs de kust.

  • Vreemde vogels

    Op Texel zie je niet alleen vogels die er thuis horen, zoals de grutto en scholekster. Er komen ook veel dwaalgasten. In 2008 werden er bijvoorbeeld een heuse sneeuwuil, een flamingo, een Amerikaanse wintertaling en een slangenarend gezien.

    Meestal verblijven deze dieren niet zo heel lang op het eiland. Ze gebruiken Texel als tussenstop om op krachten te komen en vliegen dan weer verder. Als ze voldoende voedsel kunnen vinden, blijven ze soms langer hangen. Zoals de sneeuwuil. Die is wel 3 maanden op Texel gebleven, voor hij via Terschelling en Ameland probeerde weer noordwaarts te trekken. Maar of dwaalgasten ooit hun oorspronkelijke bestemming bereiken is heel onzeker.

  • Kolonisten

    Vanaf 1999 is een groeiend aantal aalscholvers gaan broeden in de buurt van de lepelaarkolonie in de Muy. In 10 jaar tijd groeide deze aalscholverkolonie naar ongeveer 1000 broedparen. Sinds 2005 proberen de aalscholvers het ook in de Geul. Deze groep blijft vooralsnog wat kleiner dan die in de Muy.

    In het natuurmonumentje de Petten, bij Den Hoorn, komen sinds 2005 jonge grote sterns ter wereld. Dit is echt bijzonder omdat grote sterns erg kieskeurig zijn bij het uitkiezen van hun broedlocatie: er zijn er meer een paar in het hele waddengebied. De Petten ligt pal naast de akkers waar wordt geëxperimenteerd met de teelt van zilte groenten. De agrarische pioniers en de kolonievogels moesten even aan elkaar wennen, maar inmiddels is de sternkolonie meer dan 1000 broedparen groot.