Content on this page requires a newer version of Adobe Flash Player.

Get Adobe Flash player

 

Zoek in de Encyclopedie

Zeeprik

afmetingen:

tot 120 centimeter

gewicht:

tot 2,5 kilogram

kleur:

grijsgroen met bruine vlekken en een wittige buik

leeftijd:

tot 9 jaar

voedsel:

larf: kleine deeltjes uit het water
volwassen: bloed, huid en ander weefsel van zeedieren (vooral kabeljauw, zalm, makreel en haaien)

voortplanting:

Eén enkel vrouwtje legt meer dan honderd duizend eitjes per keer. Na het paaien gaan ze dood.

  • Ned: Zeeprik (bonte negenoog, moederprik, petnegenoger, zeelamprei)
  • Lat: Petromyzon marinus
  • Eng: Sea lamprey (lamprey)
  • Dui: Meerneunauge
  • Fra: Lamproie marine
  • Dan: Havlampret (lampret)
Sea lamprey, Ecomare

Zeeprik

Net als andere prikken, hebben zeeprikken een monsterlijke zuigmond met rijen kleine rasptandjes. Hiermee zuigen ze zich vast aan grote vissen om van hun bloed te leven. Ze hechten zich zo goed vast dat het een slachtoffers bijna nooit lukt om een zeeprik af te schudden, ondanks dat ze vaak veel last hebben van deze mee-eter. Sommige dieren gaan er zelfs aan dood. Zeeprikken worden geboren in zoet water. Ze leven daar nog enkele jaren als larf in de modder. Pas als ze volwassen zijn verhuizen ze naar zee. Voor het leggen van de eitjes gaan ze weer terug naar de rivier. En zo is de cirkel weer rond.

  • Verspreiding en habitat

    De zeeprik komt voor in de Atlantische Oceaan, de kustwateren van Europa en Noord-Amerika. Hij gebruikt de Nederlandse rivieren alleen als doortrekgebied naar Duitsland en plant zich dus hier niet voort.
    De larven van de zeeprik leven in zoet water, de volwassen exemplaren in zout water. Voor zeeprikken is het dus belangrijk dat ze van zoet naar zout water kunnen trekken en omgekeerd.