De eerste eenden- en ganzenkuikens zijn al in de opvang gekomen. Een goed moment dus om via deze weg weer even te vertellen wat je moet doen als je een jong vogeltje vindt. En hoe je kunt voorkomen dat zo’n dier moet worden opgevangen. Want hoezeer wij ons best ook doen, we kunnen er nooit zo goed voor zorgen als de ouders!

Jongen in aantocht
Op dit moment zijn de meeste vogels nog niet of pas net aan het broeden. In de duinen rond Ecomare hebben de storm-, zilver- en mantelmeeuwen wel hun plekjes al veroverd en zie je ze in paartjes in het gras zitten. Ganzen en eenden zijn altijd als eerste; je ziet ze al een tijdje met jongen lopen.
Makkelijke prooien
Jonge vogels zijn, zeker als ze gescheiden worden van hun ouders, makkelijke prooien voor roofdieren. Ook meeuwen en reigers eten graag een pul van een ander. Dat is de natuur en zo wordt voorkomen dat een soort zich ongebreideld voortplant. Maar door verstoring of extra toegevoegde roofdieren raakt het evenwicht uit balans. Helaas zorgt de mens met zijn gedrag, auto’s, zwerfvuil en huisdieren voor veel extra slachtoffers.
Wat kun je zelf doen?
In deze tijd van het jaar is het nog meer van belang om op je hond of kat te letten. De campagne ‘Kuikens in het land, Poes in de mand’ vertelt precies waar het om draait: houd je kat tenminste ’s avonds en ’s nachts binnen. Lijn je hond aan waar het moet en houd hem goed in de gaten als hij los mag lopen. Je kent zelf je hond het beste; is het een jager, houd hem dan aan de lijn in de natuur.
Uit het nest
Als er straks volop jonge vogels zijn, kan het gebeuren dat je er een op de grond ziet die uit het nest is gevallen. Je kunt hem rustig oppakken en terugzetten, aanraken leidt bij vogels niet tot verstoting. Alleen als het jong expres uit het nest is gewerkt zal terugzetten niet helpen. Dan is er iets mis met het jong. Is het jong al uitgevlogen maar nog te onhandig? Zet hem dan op een veilige, hogere plek en houd katten uit de buurt. De ouders vinden hem wel terug. Natuurlijk zijn wij er om een vogel op te vangen als het moet, maar voorkomen blijft het beste.