Content on this page requires a newer version of Adobe Flash Player.

Get Adobe Flash player

 

Zoek in de Encyclopedie

Dieren en planten

Dieren   Amfibieën   Heikikker   Groene kikker   Bruine kikker   Rugstreeppad   Reptielen   Adder   Zandhagedis   
kleine watersalamander, larve met kieuwen, foto fitis, sytske dijksen

Amfibieën en reptielen

De kleine watersalamander komt algemeen voor in natte duingebieden. De rugstreeppad is de duin-amfibie bij uitstek. Zeldzamer soorten zijn de adder, de heikikker en de zandhagedis. De groene kikker en de bruine kikker komen nog algemeen voor, hoewel ze in het kustgebied zeldzamer geworden zijn. Meerdere soorten uit het kustgebied staan op de Rode Lijst van amfibieën en reptielen.

  • Zeeschildpadden
    jong lederschildpadje, foto fitis,sytske dijksen

    In het najaar en het begin van de winter trekken veel oceaanbewoners van het voedselrijke noorden terug naar het warme zuiden. Op die weg nemen ze soms de afslag, de Noordzee in. Dit verschijnsel kennen we vooral van vissen (bijvoorbeeld bramen en maanvissen) en walvissen (bultrug, potvis), maar ook van zeeschildpadden.
    In de winter van 2008/2009 zijn zo twee levende onechte karetschildpadden op de Nederlandse standen beland. Deze dieren zijn opgevangen in twee dierentuinen: Burger's Zoo en Blijdorp. Ze knappen lekker op en kunnen waarschijnlijk in 2009 in subtropisch zeewater. uitgezet worden.
    De onechte karetschildpad heet in het latijn Caretta caretta. Daar is dus weinig onechts aan. Het is dus niet voor niets dat je steeds vaker hoort spreken van de dikkopschildpadden, wat weer een vrije vertalig is van het engelse luggerhead turtle.
    In Stellendam werd in september 2002 ook een opzienbarende vangst aan wal gebracht: een lederschildpad van 393 kilo, een lengte van 2 meter en een spanwijdte van 2,30 meter. Waarschijnlijk was het dier verdwaald. Het kolossale beest kon niet in leven worden gehouden en is afgevoerd naar het natuurhistorisch museum Naturalis in Leiden.

  • Sterrenschot
    sterrenschot, foto fitis,sytske dijksen

    's Winters liggen in weilanden en bij het water soms raadselachtige klonten witte gelei. Vroeger dacht men dat het de resten van vallende sterren waren. Daarom werd het sterrenschot genoemd. In werkelijkheid zijn het de restanten van een vrouwtjespad of -kikker, die door een reiger of bunzing opgegeten is. In het lijf van de kikker of pad zit namelijk het kikkerdril in aanleg. Zodra dit in aanraking komt met water (of maagsappen) zet het uit tot een grote klont eitjes en gelei. Het dier dat de kikker gegeten heeft wordt hier misselijk van en spuugt de klont uit.

Net zo groot als de tafel...