In ons Zeeaquarium hebben we zowel honds- als kathaaien. De soorten vertonen veel overeenkomsten, maar met een beetje kennis zijn ze goed te onderscheiden. Kathaaien worden bovendien een stuk groter dan hondshaaien.

Kathaai in het Noordzeeaquarium
Op de bodem
Honds- en kathaaien zijn bodembewoners, ze liggen vaak op de bodem. Hun lichaamsbouw is daar mooi aan aangepast: ze hebben, in tegensteling tot vrijzwemmende haaiensoorten, een afgeplatte buikzijde. Hondshaaien kunnen tot zo’n 3 kilo zwaar en 76 cm lang worden, een volwassen kathaai van een meter kan tot 10 kilo wegen. Onze grootste kathaai is ruim een meter en leeft in het Noordzeeaquarium.
Onderscheid
Voor een leek kan het best lastig zijn de twee soorten uit elkaar te houden. Hondshaaien hebben kleinere vlekken en de snuit is wat korter. Goed onderscheidende kenmerken zijn de vorm van de neusflappen en de exacte plek van de rugvinbasis, maar dat is toch wat specialistischer kennis. Het verschil tussen hun eikapsels is een stuk makkelijker: die van kathaaien zijn aanzienlijk groter dan van hondshaaien.
Eikapsels
Van beide soorten hebben we eikapsels in een demonstratieaquarium hangen. Het embryo heeft zeven tot negen maanden nodig om uit te groeien tot een klein haaitje. De bevruchting vindt inwendig plaats, het grootste deel van de ontwikkeling uitwendig. In de – doorzichtige – eikapsels zie je de dooierzak en het embryo zitten. Terwijl het haaitje groeit, slinkt de dooier.
Kom je binnenkort de haaien en hun nageslacht bewonderen in ons Zeeaquarium?
